Rechten van veroordeelden

ID-100239938Primi aki pa Papiamento

Ook veroordeelden hebben rechten. In sommige perioden in ons verleden heerste de opvatting dat criminelen zich met hun misdrijf vrijwillig buiten de maatschappij hadden geplaatst en daarmee bewust het risico hadden genomen dat zij hun rechten zouden verliezen. Gevangenen werden slecht behandeld uit gevoelens van wraak en met de hoop dat dit hen voldoende af zou schrikken. Tegenwoordig beseft men dat ook veroordeelden recht hebben op een menswaardig bestaan en dat het bovendien beter is voor de gehele maatschappij als veroordeelden gedurende hun straf worden voorbereid op een productieve terugkeer in die maatschappij. Dit voorbereidingsproces noemt men rehabilitatie. Een veroordeelde die succesvol is gerehabiliteerd heeft een veel kleinere kans dat hij na zijn vrijlating opnieuw in de criminaliteit belandt. Wanneer dat desondanks toch gebeurt, noemt men dat recidive en het voorkomen van recidive is een belangrijk doel bij het opleggen van straffen. Daarnaast dienen straffen uiteraard ook om crimineel gedrag te ontmoedigen. In het strafrecht noemt men dat preventie. Tot slot zorgen straffen ervoor dat de maatschappij ziet dat degene die onrecht heeft veroorzaakt niet vrijuit gaat.

1) Wanneer is iemand een veroordeelde?
In een einduitspraak geeft de rechter aan of het openbaar ministerie voldoende heeft aangetoond dat de verdachte heeft gedaan wat in de tenlastelegging is omschreven. Is dat volgens de rechter niet gelukt, dan wordt de verdachte vrijgesproken en niet bestraft. Ook wanneer de verdachte wel gedaan heeft waar hij van beschuldigd is, maar daartoe door omstandigheden gedwongen werd, wordt hij niet veroordeeld. Hierbij kan men denken aan iemand die een autoruit vernielt omdat hij ziet dat de inzittende een hartaanval heeft, of iemand die wordt aangevallen en zich met geweld verdedigt. Meer informatie hierover vindt u op de pagina Het Strafrecht. Als de rechter daarentegen van mening is dat de verdachte gedaan heeft waarvan hij wordt verdacht en dat hij daarvoor straf verdient, dan kan de rechter de verdachte veroordelen tot een straf, waarvan gevangenisstraf, taakstraf en boete het vaakst voorkomen. De rechter kan er ook voor kiezen een voorwaardelijke straf op te leggen. Dat betekent dat hij de verdachte wel veroordeelt, maar dat de verdachte alleen straf moet ondergaan als hij zich binnen een bepaalde periode niet aan bepaalde voorwaarden houdt. Als de rechter eenmaal een veroordelend vonnis heeft uitgesproken wordt de verdachte een veroordeelde.

2) Welke rechten heeft een veroordeelde?
Een veroordeelde zal normaal gesproken een straf moeten ondergaan. De ernst van het strafbaar feit bepaalt voor een groot deel de zwaarte van de straf. Hoe ernstiger het strafbaar feit, hoe zwaarder de straf en hoe meer vrijheden en rechten een veroordeelde zal moeten inleveren. De meest ingrijpende straf is in dat opzicht een gevangenisstraf. Een veroordeelde wordt voor een bepaalde tijd zijn vrijheid ontnomen en hij wordt beperkt in wat hij wel en niet mag doen. Maar ook een veroordeelde heeft rechten en hieronder vindt u een aantal van deze rechten opgesomd.

a) Het recht op hoger beroep en cassatie. Stel, u bent veroordeeld en u bent het hier niet mee eens. U vindt bijvoorbeeld de straf te hoog of u bent onschuldig. In overleg met uw advocaat kunt u dan beslissen­ om in hoger beroep te gaan. Dit betekent dat de gehele zaak opnieuw zal worden behandeld, ditmaal door een hogere rechter. In het Caribisch deel van Nederland is die hogere rechter het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao en Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Als veroordeelde heeft u tot twee weken na de uitspraak van de rechter de tijd om hoger beroep in te stellen. Ook de officier van justitie heeft twee weken de tijd om in beroep te gaan tegen de uitspraak.
Het Gemeenschappelijk Hof van Justitie behandelt de zaak en komt vervolgens tot een eigen uitspraak. Ook tegen deze uitspraak kunnen verdachte en officier in beroep, en wel bij de Hoge Raad. Dit noemt men ‘in cassatie gaan’. Ook hiervoor staat een termijn van twee weken open. De Hoge Raad is de hoogste Nederlandse rechterlijke instantie en zit in Den Haag. De Hoge Raad zal de zaak alleen in behandeling nemen als er een belangrijke vraag moet worden beantwoord over manier waarop het recht is toegepast door het Gemeenschappelijk Hof. Daarbij wordt niet meer naar de feiten gekeken.
Hoger beroep en cassatie zijn belangrijke onderdelen van de rechtspraak, maar u zult goed moeten overleggen met uw advocaat voordat u besluit om deze middelen in te zetten.

b) Recht op menswaardige omstandigheden. Als een veroordeelde gevangenisstraf opgelegd krijgt, zal hij deze in het Korrektie Instituut Aruba (‘KIA’) moeten uitzitten. Omdat Aruba deel uitmaakt van het Koninkrijk der Nederlanden, moet het KIA voldoen aan dezelfde maatstaven als de andere gevangenissen binnen het Koninkrijk. Een belangrijke bron voor deze maatstaven is the Committee for the Prevention of Torture (Comité voor de Preventie van Foltering of ‘CPT’).  Dit comité onderzoekt de gevangenissen van de leden van de Raad van Europa (en het Koninkrijk der Nederlanden is lid) om te zien of zij hun gevangenen een menswaardig bestaan bieden. Zo heeft een veroordeelde onder andere recht op bezoek, correspondentie, medische zorg en recreatie. Meer informatie kunt u terugvinden op de website van het CPT, waar ook het meest recente rapport over de Nederlandse gevangenissen terug te vinden is.

c) Gratie. Een veroordeelde heeft het recht om gratie aan te vragen. Gratie is een besluit van de Minister van Justitie dat een (gedeelte van) een straf niet hoeft te worden ondergaan. Een verzoek om gratie zal echter alleen onder zeer uitzonderlijke omstandigheden worden toegewezen, zoals bijvoorbeeld in het geval van een terminale ziekte.

d) Voorwaardelijke invrijheidstelling. Als een gedetineerde tweederde van zijn straf heeft uitgezeten, met een minimum van negen maanden, kan hij in aanmerking komen voor een voorwaardelijke invrijheidstelling. Om voorwaardelijk in vrijheid te worden gesteld, moet de gedetineerde aan een aantal voorwaarden voldoen, zoals bijvoorbeeld goed gedrag in de gevangenis. De beslissing om een gedetineerde voorwaardelijk in vrijheid te stellen wordt genomen door de minister van Justitie. Eenmaal voorwaardelijk in vrijheid gesteld, dient de ex-gedetineerde zich gedurende de proeftijd goed te gedragen en zich te houden aan de opgelegde voorwaarden. De proeftijd duurt een jaar langer dan het resterende gedeelte van de straf. Concreet betekent dit dat een persoon die veroordeeld is tot negen jaar gevangenisstraf na zes jaar van zijn straf te hebben uitgezeten, in aanmerking kan komen om voorwaardelijk in vrijheid te worden gesteld. Wordt de veroordeelde voorwaardelijk in vrijheid gesteld, dan geldt een proeftijd van vier jaar (drie jaar is rest straf plus één jaar). Indien de veroordeelde zich tijdens de proeftijd niet aan de voorwaarden houdt, dan kan de invrijheidstelling worden herroepen door de minister. Hij of zij zal dan terug moeten naar het KIA om zijn straf geheel of gedeeltelijk uit te zitten.